LO 3

Leeruitkomst 3 – Onderzoeksstrategie en methodisch werken

Je kunt een weloverwogen keuze maken voor de onderzoeksstrategie, de fase van methodisch werken, de onderzoeksmethoden en de fasen in de onderzoekscyclus die passend zijn binnen het eigen vakgebied.


Mijn Werkplaats-eerst-benadering, waarin de Werkplaatsstrategie een vroeg en centraal startpunt vormt, is gebaseerd op zowel praktijkervaring als erkende ontwerp- en onderzoekskaders. Waar het DOT-framework vaak lineair wordt geïnterpreteerd (Bieb → Veld → Werkplaats), ga ik uit van het principe dat betekenisvol onderzoek begint bij ervaringen dat maken zelf een vorm van kennisontwikkeling is.

Dit betekent niet dat ik zonder structuur werk. Integendeel: plannen, afbakenen en verantwoorden zijn essentieel, maar altijd voorlopig en iteratief.


Projectplannen en Werkplaats-eerst: geen tegenstelling

Binnen stages starten studenten formeel met een projectplan. In mijn begeleiding stuur ik erop dat dit plan een eerste versie is, gebaseerd op wat de student op dat moment weet. Het plan is bewust niet te gedetailleerd en bevat:

  • een voorlopige duiding van de opdracht,
  • hoofd- en deelvragen,
  • een globale planning en stappen,
  • een afbakening van de scope,
  • en een beschrijving van wat nodig is om verder te komen.

Ik maak studenten expliciet bewust dat zo’n plan niet vaststaat. In de praktijk veranderen tijdlijnen, scope en interpretaties vrijwel altijd. Het projectplan fungeert daarom als startpunt voor reflectie, niet als eindpunt van denken.

Zodra studenten starten in de Werkplaats, ontstaan inzichten die leiden tot het bijstellen van het plan. Dat bijstellen zie ik als een teken van onderzoekend vermogen, niet als een tekortkoming.


Onderbouwing vanuit erkende kaders

  • Design Thinking (IDEO / Stanford)
    Vroeg prototypen maakt aannames zichtbaar. Zoals Tim Brown stelt:
    “Prototyping is not the end of the thinking process, but the beginning.”
  • Reflective Practitioner (Schön)
    Studenten leren door reflection-in-action: reflectie tijdens het handelen.
    Het maken zelf wordt een onderzoeksinstrument.
  • Lean Startup (Ries)
    Het principe Build – Measure – Learn sluit direct aan op de Werkplaats-eerst-aanpak:
    Werkplaats → Context → Reflectie & theorie.
    Plannen en ideeën fungeren daarbij als hypotheses die getest mogen worden.

Onderzoekspraktijk binnen het Lectoraat Interaction Design

Binnen het Lectoraat Interaction Design werk ik aan meerjarig praktijkgericht onderzoek naar de rol van virtual humans in het versterken van kinderen in hun leerproces. Per semester bepaal ik samen met een collega-onderzoeker welk doel we willen bereiken.

Stagiairs die binnen dit project meewerken:

  • krijgen een duidelijke deelvraag of opdracht,
  • starten direct met het maken van prototypes,
  • gebruiken die prototypes om te onderzoeken wat werkt in de context.

Ook hier geldt: er is een plan en een doel, maar de Werkplaats bepaalt de richting van het onderzoek.


Samenvatting

Mijn onderzoeksstrategie combineert structuur en flexibiliteit.
Projectplannen bieden houvast, de Werkplaats zorgt voor inzicht. Door plannen te zien als voorlopige versies en maken als onderzoek, ontstaat een werkwijze die:

  • methodisch verantwoord is,
  • aansluit bij ontwerp- en ontwikkelpraktijken,
  • werkt in onderwijs, stages én lectoraatsonderzoek,
  • en past binnen het DOT-framework.

Voorbeeld: Onderzoeksproject HOLOBOX


Een deel uit het projectplan van een student die ik bij ons onderzoek heb mogen begeleiden. In het onderdeel scope (2.4 Scope) is te lezen dat onderzoek en ontwerpen hand in hand gaan.

Vervolgens is deze student aan de slag gegaan met het ontwerpen van verschillende verschijningsvormen voor Virtual Humans in een ‘werkplaats eerst’ aanpak. Het onderzoek waaraan wordt gerefereerd, is van een student uit een vorig semester. Werkplaats.

Nadat de student een aantal versies heeft ontworpen krijgt hij van mij als begeleider en expert zijn eerste feedback waarbij ik hem vraag onderzoek te doen om zijn keuzes in het ontwerpproces beter te verantwoorden. Bieb.

Uiteindelijk heeft de student een Virtual Human ontwikkeld en getest met de doelgroep tijdens een tech event (+ 200 deelnemers). Veld.

De werkzaamheden van de student zijn terug te voeren naar zijn hoofdvraag die begint met ‘Hoe ontwerp en …’. Waar de ‘werkplaats eerst’ benadering al een beetje uit af te lezen is.

Bronnen:
Design Thinking (IDEO / Stanford)
Reflective Practitioner (Schön)
Lean Startup (Ries)